Doe zo verder

Deze zin stond tijdens mijn schooltijd vaak op mijn rapport. Een standaard quote die mijn leerkrachten snel neerpenden bij de middelmaat van de klas om zo snel mogelijk hun verbeterwerk af te haspelen. Ditzelfde gevoel heb ik bij de op dit moment lopende klimaattop in Glasgow.

Veel blabla

COP26 geeft aan dat het niet de eerste keer is dat al deze wereldleiders en hun gevolg samen zitten rond deze kwestie. Dat is op zich al een zeer verontrustende vaststelling. Een lichtpuntje is dat ze het momenteel blijkbaar er over eens zijn dat er iets aan de hand is met onze planeet. Eindelijk!
Hoog tijd dat we er iets aan doen zou je denken. Jammer maar helaas. Ik ben er zeker van dat er de komende dagen door bijna elk van hen weer grote beloftes gedaan worden. Een opbod van straffe acties en toekomstige resultaten. De eerste reeks heb ik al horen voorbijkomen.
Maar jammer genoeg blijft het meestal met veel blabla en geen boemboem. Om een voormalige Vlaamse politiekster te citeren. ‘We gaan dit en dat doen tegen 2030, 2050, 2060’. Jaartallen die als een wortel die met een stok voor een ezel hangt te bengelen steeds vooruit worden geschoven. Maar de voelbare resultaten blijven uit. Integendeel, het wordt elke jaar, elke maand, elke dag nog erger.

Bossen sparen

De nieuwste wortel die ik zag bengelen was de belofte om tegen 2030 op de ganse aarde de oppervlakte aan bossen niet meer te laten dalen. Dus kan er nog 10 jaar lustig met de hakbijl – lees grote bosvernietigingsmachines – gezwaaid worden. Aan het huidige tempo van kappen gaat er nog heel wat hectares bos tegen de vlakte. Van de ‘longen van onze aarde’ zullen tegen dan nog maar een hoopje longblaasjes over zijn. Als het over bossen vernietigen gaat is er veel boemboem en hoor je er weinig blabla over. De bedrijven die aan deze kappingen veel geld verdienen – op welk manier dan ook – doen wat op mijn rapport stond: gewoon verder.

Negatief

Waarom zo negatief? Moeten we dit overleg al afschieten nog voor het goed begonnen is? Ik vrees van wel. De vorige edities hebben al aangetoond dat het nog steeds niet is doorgedrongen tot al deze harde koppen dat het hoog tijd is om te handelen. Als het al niet te laat is. Ze vertellen elkaar dit trouwens op hun overleg. De vraag is of die boodschap gemeend is en of ze bij de rest binnen komt. Ik denk het niet.
Voor de meesten onder hen weegt het ‘nadeel’ van te handelen nog steeds op tegen de ‘voordelen’ om het probleem aan te pakken. De kostprijs van acties, het ongemak van de rotverwende burger die een deel van zijn pleziertjes moet laten, de lobby van de enorme rij aan ‘benadeelden’ die minder winst gaan maken of zelfs hun bedrijf zien verdwijnen (of gewoon denken dat dit kan gebeuren). Allemaal argumenten om niet tot actie over te gaan. Ook onze eigen Belgische politici trappen in deze val en hebben de ballen niet om het probleem aan te pakken. Ze houden ons een wortel voor en schrijven op ons rapport: doe zo verder, we hebben nog tijd om alles op te lossen. Wat velen onder ons dan ook gewoon doen. Zich niet bewust van de catastrofe die elke dag dichterbij komt.

De hete kastanjes

‘Had ik maar wat beter mijn best gedaan’. Een gedachte die volgens mij velen van ons soms maken als ze terugdenken aan hun schooltijd. Ik hoor daar alvast bij. Toen waren we ons niet bewust van de kans die we toen lieten liggen. Te druk met feesten en te lui – in mijn geval – om grotere uitdagingen aan te gaan. Maar dat is voorbij.
Maar zitten we met ons klimaatverhaal niet in hetzelfde schuitje. Gaan we ons de laksheid en de onwil om knopen door te hakken later niet beklagen? Onze generatie zeker niet. Want als het echt gaat mislopen liggen wij allemaal netjes onder de graszodes of staan we ergens in een urne met een pot chrysanten aan onze voetjes.
Onze kinderen, kleinkinderen en zeker onze achterkleinkinderen zullen de kastanjes uit het vuur mogen halen. Als er tegen dan nog kastanjes zijn. Aan vuur zal er geen gebrek zijn.
Ze zullen ons rapport dan maken en er met een dikke stift op schrijven: zij deden gewoon verder! Jammer.

Wij hopen – en dat menen we echt – dat we binnen een aantal jaar onze woorden moeten inslikken. En dat we dan mogen zeggen, in een positieve zin, doe zo verder!

Plaats een reactie