Momenteel maken we in onze beemden de hooilandjes winterklaar. Kort gemaaid de winter ingaan is een pluspunt voor een prachtig bloementapijt voor volgende zomer. Maar waarom steken wij zo veel energie en tijd in die arbeidsintensieve hooilandjes? Gewoon laten verbossen is toch veel makkelijker? En bomen hebben we toch nodig om ons klimaat te redden?
Bosbalans
Laten we starten met die laatste vraag. Bomen en bossen zijn op dit moment inderdaad hot (letterlijk soms). Er kan nergens een boom gekapt worden of er ontstaat een actiegroep die hem wil redden. Schitterend natuurlijk. Maar slaat de balans niet een beetje door?

Eigenlijk niet. We moeten onze huidige bossen kost wat kost behouden. Elke boom die we kappen is er eentje te veel. Zeker als het ten koste gaat van de natuur en de open ruimte en er fabrieken, woningen, parkings of ander beton in de plaats komen. Gekapte bossen compenseren met nieuwe bossen is nodig. Maar eigenlijk maar een pleister op een houten been. Voor dat deze bossen of bomen dezelfde waarde hebben op natuurvlak of effect op de klimaatopwarming is het plantertje – denkelijk – al lang dood. Dus onze bestaande bossen behouden en nieuwe planten is een goede keuze. Daar bestaat geen twijfel over.
Ondergronds
Maar het is niet zo eenvoudig als we denken. Want uit studies blijkt dat door de opwarming van de aarde bossen heel kwetsbaar zijn. Verdroging zorgt voor enorme bosbranden. Australië en de westkust van Amerika waren de voorbije jaren duidelijke bewijzen van deze stelling. Als bossen in vlammen opgaan – zeker op deze grote schaal – dan worden het in plaats van bondgenoten bij de strijd tegen de klimaatopwarming, bronnen van massale CO2-uitstoot.Dat is iets wat we niet willen.
“Grasland is een goede optie om CO2 te stockeren”
Gras- en hooilanden daarentegen hebben dat probleem veel minder. Ook hier wordt een massa CO2 opgeslagen. Maar niet enkel in de planten, maar vooral ondergronds, in de wortels. Bij het verdwijnen van de grassen of planten, blijft alles netjes in de bodem zitten. Of dit nu via brand is of via maaien. Het maakt niet uit. Zitten we met graslanden op veengronden dan wordt de oefening nog interessanter. Intacte veengebieden slaan een massa CO2 op. Ik zeg wel intacte. Want als deze verdrogen of vernietigd worden – door ploegen bijvoorbeeld – komt die CO2 ook plots massaal vrij.
Het behouden en beheren van hooilanden – zeker in veengebieden, zoals de Broekbeemd er eentje is – is enorm belangrijk en nuttig. Zeker voor ons klimaat.
Historisch
Maar er is meer aan de hand met onze hooilandjes. Uit diverse studies rond historische graslanden – dit zijn graslanden die al heel lang deze functie hebben – blijkt dat ooit verstoorde hooilandjes nooit de waarde en biodiversiteit kunnen evenaren van graslanden die steeds hun functie hebben behouden.
Graslanden die ooit in gebruik werden genomen door landbouw of zelfs gewoon bos werden, kunnen gemiddeld slechts 63% van de plantendiversiteit bevatten die ‘eeuwenoude’ graslanden kunnen huisvesten. Om dit percentage terug te bereiken hebben ze meer dan 100 jaar nodig. Dat is lang, nietwaar? Een aantal soorten kan je nooit meer terug krijgen. Meestal omdat de voorwaarden om hun zaden te verspreiden of te laten kiemen niet meer aanwezig zijn. Daarom is het van het grootste belang dat je nog bestaande historische hooilandjes nooit omzet naar een ander natuurtype. Want dit is catastrofaal.
“Bij verstoring van historische graslanden kan je ze nooit meer 100% terug herstellen”
Nu blijkt dat wij in onze beemden gezegend zijn op het gebied van historische graslanden. Waarom? Wel, omdat blijkt dat de Grote Beemd vroeger een groot hooiland was. Je kan dit mooi zien op luchtbeelden uit WOII. In die periode werd de Grote Beemd elke zomer volledig gehooid. Nadien, als het gras terug iets hoger werd – de ‘achtermoat’ – kon iedereen die hier voor betaalde zijn koebeesten er laten grazen. Een – toen vanuit economisch standpunt bekeken – ideaal beheer van maaien, afvoeren en nabegrazing. Hierdoor kregen wij – dankzij onze voorouders – een schitterend cadeau wat betreft natuurwaarde in onze beemden.

Sneltrein
Maar dit cadeau waren we stilletjes aan, aan het teniet doen. Door de aanplant van populieren, breken van bodems om ze in te zaaien – zelfs met andere grassen – en vermesting, ging deze natuurwaarde met een sneltreinvaart achteruit. Het aantal historische graslandjes is ondertussen verminderd tot een aantal verspreid gelegen percelen over de ganse beemd.
We moeten deze kost wat kost redden! Daarom dat wij in de Grote Beemd voor zo veel mogelijk percelen inzetten of hooilandbeheer. Het bewaren van de biodiversiteit die onze voorouders ons schonken is onze verdomde plicht. Maar ook een zegen voor de natuur en haar bewoners.
geweldig artikel
LikeLike